Rijksarchief in België

Ons collectief geheugen !

FR | NL | DE | EN
Menu

De RTB van 1960 tot 1977: pluralisme, culturele autonomie en voogdijpolitiek. Een succcesvolle doctoraatsverdediging

Texte petit  Texte normal  Texte grand
23/03/2017 - Inventarisatie - Divers - Rijksarchief te Louvain-la-Neuve - Algemeen Rijksarchief

Op woensdag 15 maart 2017 verdedigde Flore Plisnier, archivaris bij het Rijksarchief te Louvain-la-Neuve, aan de ULB met succes haar doctoraatsverhandeling ‘Pluralisme, autonomie culturelle et tutelle politique. La RTB 1960-1977. Structuration d’un service public de l’audiovisuel’. Het doctoraat is gebaseerd op het archief van de RTB (Radio-Télévision belge) dat wordt bewaard in het Algemeen Rijksarchief, en dat door Flore Plisnier geïnventariseerd werd.

In haar studie toont Flore Plisnier aan dat de openbare audiovisuele sector niet los staat van de maatschappij, maar integendeel verbonden is met de samenleving, waarvan de audiovisuele sector  de uitdagingen weerspiegelt.

De auteur analyseert vervolgens de manier waarop de openbare omroep intern en extern werd gestructureerd. Concreet wordt bekeken hoe die structuur mee evolueerde met de interne verhoudingen en hoe de RTB zich als organisatie verhield tot de ruimere maatschappelijke en politieke context. De evoluties die de omroep kende, waren namelijk niet alleen het resultaat van interne factoren, maar onder meer ook van de bepalingen van de wet van 18 mei 1960, die aan de basis lag van de oprichting van de RTB.

De structuur van de omroep werd in grote mate door drie sleutelfactoren beïnvloed, met name pluralisme, culturele autonomie en voogdijpolitiek. Politieke voogdij is inherent aan elke overheidsdienst: het is namelijk de politieke macht die een instelling opricht en vorm geeft. Maar net zoals dat geldt voor de aspecten pluralisme en culturele autonomie gaat het hier niet over een vast gegeven, maar over een concept dat onderworpen is aan maatschappelijke spanningsvelden. Pluralisme zorgt ervoor dat in de structuur en de uitzendingen van de omroep verschillende ideologieën aan bod kunnen komen. De aanspraak op culturele autonomie tenslotte komt als thema geregeld terug in de bestudeerde periode. Zowel in het noorden als in het zuiden van het land gingen stemmen op om meer rekening te houden met culturele verscheidenheid en dus centrale bevoegdheden over te hevelen naar de gewesten en gemeenschappen.

Hoewel de RTB met zijn statuut als overheidsdienst een duidelijke structuur heeft, wordt de omroep voor een aantal uitdagingen gesteld waar hij in grote mate geen vat op heeft. De geschiedenis van de RTB werd namelijk structureel ook bepaald door een drang naar het behoud van een aantal krachtlijnen en evenwichten. Een eerste krachtlijn betreft het streven naar snellere en grotere autonomie. Die culturele autonomie mondt vervolgens uit in een regionale krachtlijn die politieke en culturele trends volgt die een groter belang opeisen voor het regionale leven. Bovendien richten de communicatiemedia zich steeds meer op specifieke publieksgroepen. Een laatste krachtlijn tenslotte houdt verband met het streven naar politiek evenwicht.

De doctoraatsverhandeling van Flore Plisnier wordt in de komende maanden gepubliceerd en zal een belangrijk naslagwerk worden voor onderzoek naar de geschiedenis van de Belgische openbare omroep tussen 1960 en 1977.

De inventaris van het archiefbestand in kwestie is in druk in het Algemeen Rijksarchief en verschijnt in de loop van de volgende weken.

Deze tekst delen:
www.belspo.be www.belgium.be e-Procurement